Natuurpunt en omwonenden halen slag thuis: vergunning megaserre vernietigd



OVERIJSE - Nadat het gemeentebestuur van Overijse weigerde om een omgevingsvergunning af te leveren voor de bouw van een gigantische druivenserre van 1 ha in ruimtelijk kwetsbaar gebied ging de aanvrager in administratief beroep bij de Deputatie van de provincie Vlaams-Brabant van wie uiteindelijk een vergunning kwam. Natuurpunt en enkele omwonenden kregen op hun beurt gelijk waarna de vergunning werd vernietigd.

Vlaams-Brabant leverde de vergunning alsnog af, maar omdat daarbij te weinig rekening gehouden werd met de impact van het grootschalige project op de omgeving trok Natuurpunt, evenals een aantal omwonenden, naar de Raad voor Vergunningsbetwistingen. Die geeft hen nu gelijk. Eind 2020 besloot het College van burgemeester en schepenen na zorgvuldige afweging van alle aspecten dat de bouw van een gigantische serre op die locatie niet verenigbaar is met de goede plaatselijke ordening. De aanvrager kon zich daar echter niet bij neerleggen en ging in beroep bij de Deputatie.


Paardenpiste

Die oordeelde dat het project wel kon en leverde een omgevingsvergunning af onder de voorwaarde dat een illegaal aangelegde en uitgebate professionele paardenpiste eerst werd afgebroken. Omdat de Deputatie daarbij nogal makkelijk voorbijging aan de impact van het geheel op de open ruimte, de mobiliteit, de inpasbaarheid van de overgedimensioneerde warmtekrachtkoppeling en het schadelijke effect van de stikstofuitstoot op het aanpalende Natura2000-gebied ‘Koningsberg’ startten Natuurpunt Oost-Brabant en enkele omwonenden een juridische procedure bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen. Opmerkelijk daarbij is dat ook de aanvrager zelf een vernietiging van de beslissing van de Deputatie vroeg. Waarschijnlijk uit onvrede met de verplichte afbraak van de paardenpiste. Daarmee wordt de indruk gewekt dat in dit verhaal de paardenactiviteiten belangrijker worden geacht dan het inzetten op druiventeelt.


Tweede stikstofarrest

De Raad volgt nu de redenering van de beroepsindieners en oordeelt dat de Deputatie de verenigbaarheid van het aangevraagde met de goede ruimtelijke ordening niet genoeg en onzorgvuldig heeft afgewogen op het vlak van mobiliteit en zichthinder voor de omwonenden. Ook is onvoldoende onderzocht of de warmtekrachtkoppelingsinstallatie functioneel inpasbaar is op de betrokken locatie. Bovendien stelt de Raad dat de Deputatie niet gewoon kan verwijzen naar de ministeriële stikstofinstructie om te besluiten dat er geen stikstofschade wordt aangebracht aan habitatrichtlijngebieden maar dit met wetenschappelijke zekerheid moet kunnen uitsluiten. Daarmeeverwijst de rechter de ministeriële instructie naar de prullenmand en ligt dit lokale dossier aan de basis van een tweede stikstofarrest voor Vlaanderen.


Foto boven : Zicht op de open ruimte van het kleinschalige landbouwlandschap dat bedreigd wordt door de bouw van een megaserre met links het habitatrichtlijngebied ‘Koningsberg’

89 weergaven0 opmerkingen