top of page

Bij de herinrichting van Sloesveld: een speelplein is in eerste plaats ontmoetingsruimte



HOEILAART - Vooraleer het in Hoeilaart enkel over het slechte wegdek zou gaan of over het bouw- en woonbeleid, sluipwegen of bedenkelijke kijk op wat dan ook, wil het gemeentebestuur ook wel eens richting kinderen kijken. Op de laatste woensdag van deze maand volgt zo een inspraakmoment over de herinrichting van het speelterrein Sloesveld in de gelijknamige wijk. Meer nog: er wordt gedacht aan een inclusief terrein.

'Ik krijg regelmatig van ouders te horen dat er te weinig inclusieve speelterreinen in de Druivenstreek zijn. Daarom willen we ook voor kinderen met een mentale en/of fysieke beperking een leuke speelplek inrichten in de wijk Sloesveld, in samenspraak met de buurtbewoners', laat schepen Joy Sergeys (Open VLD) weten. En meteen volgt een gastrvrije oproep want iedereen is welkom op dat inspraakmoment en mag naar believen 'zijn gedacht zeggen'.

'Er werd echter al een openbare aanbesteding uitgeschreven naar een aantal speeltuinleveranciers. De leveranciers kregen de opdracht om een speeltuin in te richten voor kinderen tussen de 2,5 en 12 jaar', klinkt het voorts. Maar wees gerust, de input die verzameld werd tijdens gesprekken met een aantal buurtbewoners, in het kader van het sociaal-ruimtelijk onderzoek van de provincie, werd geïntegreerd in de opdrachtomschrijving. 'We willen de inwoners graag om inspraak vragen', zegt het gemeentebestuur. 'Daarom organiseren we op woensdag 26 april om 14.30 uur een inspraakmoment op het speelterrein (Molenstraat/ Welvaartlaan) in de wijk. Vooraleer de plannen hun definitieve vorm krijgen, kan je nog opmerkingen of suggesties geven zodat de ontwerpen (waar nodig en mogelijk) bijgestuurd kunnen worden'. Bovendien zullen de bevoegde schepenen en de coördinator Jeugd die dag ter plaatse aanwezig zijn om het ontwerp toe te lichten. Maar hoe inclusief zou een speeltuin eigenlijk moeten zijn?



Ontwerp

Het is een utopie om te denken dat de hele leefomgeving een inclusieve beweegvriendelijke omgeving kan zijn, lezen we in 'Aan de slag met samen spelen; Het VN-verdrag handicap in jouw gemeente. VNG – Iedereen doet mee!' door Boekel, M. van; Leidorf, K.; Put, I. van der & Verbeek

Dat neemt niet weg dat je hier wel aan kunt werken door het automatisch mee te nemen in ontwerp. Waarom speciale speelplekken? Vooraleer men een stukje groen zomaar zou volstouwen met schommels en glijbanen toch nog even wat frisse gedachtengangen aandragen, dachten we zo. Dit is een te benutten kans en zorgt ervoor dat we tevreden kunnen terugkijken op gedane zaken.

Een speelplek is een bijzonder onderdeel van de openbare ruimte. Het is een plek specifiek ingericht om bewoners, en speciaal kinderen, te verleiden om elkaar te ontmoeten, in beweging te komen en te spelen. De meeste kinderen zijn in staat om overal te kunnen spelen. Waarom is het dan nodig om speciale plekken in te richten voor kinderen? Goed ingerichte speelplekken zijn nodig omdat het ook veilige ontmoetingsplekken zijn voor kinderen en waar ze worden uitgedaagd in creativiteit, fantasie en bewegen, door speelaanleidingen en speeltoestellen.


Fysieke toegankelijkheid

Helaas is het niet zo dat alle openbare speelplekken voor iedereen toegankelijk zijn. Een ondergrond van zand beperkt een bezoeker met rolstoel om bij speeltoestellen te komen. Dit geldt zowel voor het kind in een rolstoel dat niet kan meespelen als voor een (groot)ouder met rollator of in een rolstoel die zijn of haar (klein)kinderen niet kan begeleiden. Een ander voorbeeld is dat toestellen te krap zijn voor het samen schommelen of wippen door een ouder kind met een verstandelijke beperking.


Sociale toegankelijkheid

De fysieke toegankelijkheid is voor mensen met een beperking niet de enige drempel. Bezoekers van speelplekken met een beperking – jong en oud – geven aan dat de grootste beperking is dat ze zich vaak op een speelplek niet welkom voelen[1]. Ze worden soms niet geaccepteerd of zelfs gepest. Een ouder verwoordt het als volgt: “Als ik met mijn dochter in haar rolstoel op een speelplek kom die helemaal rolstoeltoegankelijk is, maar ze wordt er gepest, dan komen we er nooit meer terug. Komen we op een speelplek die niet helemaal toegankelijk is, maar waar we ons welkom voelen, dan komen we terug. Daar maakt mijn dochter vriendjes en is de speelplek ineens veel toegankelijker voor haar.”


'Als iemand een doek over het klimrek gooit en het ineens een hut is… dan kan dat kind wél meespelen. Dat is de magie van spelen'


Dit geeft aan dat toegankelijkheid van speelplekken anders is dan toegankelijkheid van bijvoorbeeld een station of een plein. Op een station kun je niet zeggen: ‘Mevrouw als u goed oefent of samen met vrienden komt, kunt u wel op perron 18 komen.’ Op een speelplek is dat juist de bedoeling. Een kind van vier jaar heeft in de ogen van een kind van tien jaar een beperking om de hoge glijbaan te beklimmen. Toch ervaart dat kind van vier jaar dat niet zo. Integendeel, hij of zij zal er alles aan doen om op een dag ook van de hoge glijbaan te gaan. Op een speelplek moet ieder kind zich welkom voelen, kunnen groeien en samen met andere kinderen kunnen spelen.


Samenspeelcultuur

Als mensen naar een speelplek kijken, doen ze dat in eerste instantie door een technisch- fysieke bril: is de speelplek of het speeltoestel schoon, heel en veilig? Maar een speelplek is meer dan alleen een verzameling speelaanleidingen. Een inclusieve speelplek staat of valt met het feit of iedereen zich welkom voelt: de samenspeelcultuur. Naast fysieke veiligheid is sociale veiligheid ook van belang. Een toestel of speeltuin kan nog zo toegankelijk zijn, als een kind er gepest wordt, komt het simpelweg niet meer terug. Voelt een kind zich veilig om te gaan spelen? Een toestel kan nog zo toegankelijk zijn, als er ballen rondvliegen of het is er heel druk, dan betekent het voor sommige kinderen dat ze zich er niet prettig voelen of zelfs onder de voet worden gelopen en dat ze er niet willen spelen.

Aan de andere kant kan een speelplek ontoegankelijk lijken, maar door gerichte interventies van begeleiders of andere kinderen toch inclusief en welkom zijn. Denk aan een klimrek dat niet geschikt is voor een kind dat niet kan klimmen.




Bronnen: Boekel, M. van; Leidorf, K.; Put, I. van der & Verbeek. 'Aan de slag met samen spelen; Het VN-verdrag handicap in jouw gemeente. VNG – Iedereen doet mee!'

Foto's © Michel Van Mullem


66 weergaven0 opmerkingen
bottom of page